Sinds december 2025 is de wetgeving rond asbestverwijdering aanzienlijk verstrengd. België volgt voortaan strikt de Europese richtlijnen, met veel lagere grenswaarden voor metingen tijdens en na de werken. Volgens Jochen Bessems, zaakvoerder van Asbitech, betekent dat een ingrijpende verandering voor de hele sector én de eindklant.
Veel lagere grenswaarden
“Tot voor kort lag de vrijgavegrens na de werken op 0,01 vezels per cm³. Vandaag is dat 0,001 vezels per cm³. Ook tijdens de werken daalt de bovengrens van 0,01 naar 0,001 vezels per cm³. We zullen onze werven dus nog extremer moeten schoonhouden”, legt Bessems uit. “Bovendien kunnen die metingen niet langer visueel op de werf gebeuren. Stalen moeten naar een erkend labo worden gestuurd, waar deze voortaan elektronisch moeten worden geanalyseerd. Dit kan niet meer op de werf, met een langere tijd tussen de analyses tot gevolg.
“Een werf die vroeger op één dag klaar was, zal nu vaak twee dagen duren. Labo’s zullen veel meer stalen moeten verwerken, waardoor ook hun prijzen stijgen.” Volgens Bessems zal de kostprijs voor particulieren hierdoor gemiddeld met zo’n 70 procent toenemen.
Mensen hebben er meer dan ooit belang bij om met een erkende specialist te werken.
Strengere regels voor leien en golfplaten
Ook dakwerkers krijgen met strengere regels te maken. Zij mogen leien en golfplaten met asbest niet langer verwijderen zonder vergunning (mini-erkenning) en worden om de twee jaar geauditeerd. Bovendien zullen ze de registraties en blootstellingsuren van hun personeel 40 jaar moeten bijhouden. “Veel dakwerkers zullen dat niet meer zien zitten en asbestverwijdering uitbesteden aan gespecialiseerde firma’s zoals de onze”, zegt Bessems.
Tegelijk vreest hij een toename van illegale verwijderingen. “Voor sommige particulieren wordt de drempel te hoog. Dan dreigt men het verkeerd of zonder bescherming aan te pakken.”
We zullen onze werven nog extremer moeten schoonhouden.
Kies voor zekerheid
Sinds 2022 is in Vlaanderen een asbestattest verplicht bij verkoop van gebouwen van vóór 2001. Buiten het feit dat zo’n attest vaak niet compleet is en men hierdoor toch nog op verrassingen stoot, moest ook niet worden bewezen dat een sanering correct gebeurde. Dat is vanaf nu wél het geval. “Mensen hebben er dus meer dan ooit belang bij om met een erkende specialist te werken”, benadrukt Bessems. “Niet alleen omwille van de strengere regels, maar vooral voor hun gezondheid.”